Didamse locaties

(Groot) Boskamp, Klein Boskamp en Nieuw Boskamp

Inleiding
De hofstede Boskamp wordt voor het eerst genoemd in 1550. Het is dan een bezitting van de heer van Wisch (kasteel Terborg). Hierna kwam het in handen van de familie van Lennep en vervolgens de familie Van Voorst. De hofstede was omringd door een gracht en gevestigd op een groot aaneengesloten grondgebied. Omstreeks 1820 werd in de nabijheid van Boskamp een kleine boerderij gebouwd, die Klein Boskamp werd genoemd (anno 2017 Melderstraat 31). In 1858 werd boerderij Nieuw Boskamp gebouwd, eveneens op grondgebied van Boskamp, maar wel aan de overkant van de weg (anno 2017 Melderstraat 30). De familie Berendsen is nauw verbonden geweest met genoemde hofstede/boerderijen. Het begon met stamvader Arnoldus Berendsen (1754-1840), gevolgd door zijn nazaten. Daarom is deze familie in Nieuw-Dijk bekend als ‘Berendsen van Boskamp’.

Stamvader Arnoldus Berendsen en zijn nazaten:

Arnoldus Berendsen (1754-1840), eigenaar van (Groot) Boskamp en Klein Boskamp
x 1 in 1781 met Geertien Wienholts (+1789)
x 2 in 1789 met Hermina Mutter (1765-1823)

Het echtpaar Berendsen-Wienholts kreeg vijf kinderen waaronder:
Gerarda (1786-1858). Zij was het vierde kind en trouwde met H. Kraaijvanger
Het echtpaar Kraaijvanger-Berendsen werd in 1837 eigenaar van Klein Boskamp
Het vijfde kind Antonius (1787-1872) trouwde met Catharina Hageman

Het echtpaar Berendsen-Hageman werd in 1837 eigenaar van (Groot) Boskamp
Uit het huwelijk Berendsen-Hageman werd zoon Hendricus geboren. Hij trad in het huwelijk met Berendina Stark. Dit echtpaar bouwde in 1858 boerderij Nieuw Boskamp

Boerderij (Groot) Boskamp
Boerderij Boskamp lag aan de toenmalige Bosstraat, die de westgrens vormde van het Waverlobos. Het Waverlobos was het noordelijke gedeelte van de Markebossen. De Bosstraat liep in ieder geval vanaf de Tol en heel vroeger waarschijnlijk vanaf Loil tot de weg van Didam naar Elten en vormde voor een belangrijk deel de grens tussen de hogere bosgrond en de lager gelegen moerassige gronden (later weide en landbouwgronden). De naam Boskamp is volgens Nol Tinneveld vermoedelijk ontstaan als een kamp bij het bos of na het rooien van een stuk bos. Met kamp werd een particulier stuk ontgonnen bouwland bedoeld, dat omgeven was door wallen, heggen of greppels. Het is dus heel goed mogelijk dat destijds een stuk bos liggend aan de kruising van de huidige Melderstraat, Bosstraat en Haaghweg is ontgonnen en dat daar de boerderij Groot Boskamp is gebouwd. Ook de naam Haaghweg evenals den Dijk kan aldus wijlen Nol Tinneveld wijzen op een afrastering of een wal voorzien van een haag rondom de markegronden.
Oorspronkelijk behoorde dit gebied tot Waverlo, wat ook wel betekende “een moerassig stuk bos”.

In 1899 vond in koffiehuis Mathijssen in Dijk een veiling plaats waarbij Hermanus Kraus de nieuwe eigenaar werd  van Groot Boskamp voor een bedrag van 3400 gulden. De boerderij was in dermate slechte staat dat Hermanus besloot een nieuw pand te bouwen.

1 OPA KRAUS 2jpg 2 OPOE KRAUS 2jpg
Hermanus Kraus Grada Kraus-Wigman

Eigenaren (Groot) Boskamp

1550-1613 De heer van Wisch, beleend door Warner van Lennep, later eigendom van de familie
Van Lennep
1613-1789 Familie Van Voorst
1789-1837 Wanneer Arnoldus Berendsen (1754-1840) eigenaar is geworden, is niet bekend.
Hij was dat in ieder geval in 1823. In de beginjaren was hij vermoedelijk pachter en
vanaf ca 1781 ook hoofdbewoner
1837-1860 Antonius Berendsen x Catharina Hageman
1860-1899 Johannes Berendsen x Petronella Meijer
1899-1908 Hermanus Kraus x Grada Wilhelmina Wigman, echtpaar met 6 kinderen
1908-1926 De weduwe Grada Kraus-Wigman
1926-1962 Theodorus Kraus x (1937) Bertha Berendsen, echtpaar met 4 kinderen
1962-1970 De weduww Berthe Kraus-Berendsen
1970-heden Johannes (Jo) Kraus x Rinie Nas

Hoofdbewoners (Groot) Boskamp

1550-ca 1781 Onbekend
ca 1781-1837 Arnoldus Berendsen x 1Gertien Wienholts, echtpaar met 5 kinderen
Arnoldus Berendsen x 2 Hermina Mutters (+1823), echtpaar met 10 kinderen
1837-1860 Antonius Berendsen x (1811) Catharina Hageman, echtpaar met 14 kinderen
1860-1896 Johannes Berendsen x (1860) Petronella Meijer
1896-1899 Bernardus Schlief x Christina Berendsen, vertrokken in 1900 naar Zevenaar
1899-1937 Hermanus Krau(t)s x (1884) Grada Wigman, echtpaar met 4 kinderen
1937-1962 Theodorus Kraus x (1937) met Bertha Berendsen, echtpaar met 4 kinderen
1962-1972 De weduwe Bertha Kraus - Berendsen
1972-heden Johannes (Jo) Kraus x (1972) Rinie Kraus, echtpaar met 1 kind

Boerderij Klein Boskamp
Klein Boskamp is gebouwd rond 1820. De vermoedelijke eigenaar was Arnoldus Berendsen (1754-1840) van Boskamp. In 1832 was hij in ieder geval eigenaar van Boskamp en Klein Boskamp. Arnoldus Berendsen was grootgrondbezetter en hij bezat in die tijd bijna 50 ha. grond. In 1837, enkele jaren voor de dood van Arnoldus (1840) werden zijn goederen bij testament verdeeld. Zijn dochter Gerarda Berendsen uit zijn eerste huwelijk, gehuwd met Hendrik Kraaijvanger, kreeg hierbij een aantal bouw- en weilanden toebedeeld alsmede boerderij Klein Boskamp. Zoon  Antonius, gehuwd met Catharia Hageman, kreeg de boerderij Boskamp. Vanaf deze tijd werd Boskamp, Groot Boskamp genoemd en de boerderij van het echtpaar Kraaijvanger-Berendsen kreeg de naam Klein Boskamp. 
Klein Boskamp was een typisch voorbeeld van een zogenaamde T-boerderij. Oorspronkelijk was dit vermoedelijk een hallehuisboerderij, zonder dwars geplaatst voorhuis, maar door uitbreiding is het een T-boerderij geworden. De boerderij dateert van rond 1820. Het was een boerderij van baksteen, met een zadeldak van zogenaamde gesmoorde mulderpannen, een gemetselde schoorsteen en het achterhuis was half met pannen en half met riet gedekt. Het huis, met de achterkant naar de weg gekeerd, had een boogvormige deeldeur met aan weerskanten een staldeur en gietijzeren ramen. Het was een boerderij zoals die veel in de Liemers voorkwam. Door vererving werd Hendrika (Riet) Berendina Maria Harmsen in 1979 eigenaar. In 1998 werd een nieuwe woning gebouwd nabij de oude boerderij die in 1999 werd afgebroken                                                                                                                                            

3 Bosstraat ca 1890 640x480 4 img646 2
De Bosstraat ca. 1890.
Links Groot Boskamp en
rechts Nieuw Boskamp.
De nieuwe en de oude
boerderij Klein Boskamp

Eigenaren Klein Boskamp

1820-1837 Arnoldus Berendsen x 2 Hermina Mutters
1837-1859 Gerarda Berendsen (1786-1856) x Hendrik Kraaijvanger (1776-1856)
1859-1871 Theodorus Kraaijvanger (1828-1870) x Reinera Bolder (1837-1871)
1871-1888 De erven van Theodorus Kraaijvanger en Reinera Bolder
1888-1912 Hendrikus Kraaijvanger x B.H. Koster; in 1912 vertrokken naar Bladel
1912-1949 Hermanus Harmsen x 1 Hendrika Koster; x2 Geertruida Egging
1949-1979 Johannes (Jan) Hermanus Harmsen (1913-1979); hij bleef ongehuwd
1979-2004 Hendrika Berendina Maria Harmsen x Herman Willink
2004- A.G.B. Buiting, zoon van de partner van H.B.M. Harmsen (na overlijden H. Willink)

Hoofdbewoners Klein Boskamp

1807-1837 Albertus van der Heijden (1779-1844) x Johanna van Haren
1837-1858 Hendrik P. Kraaijvanger (1776-1856) x Gerarda Berendsen (1786-1858)
1858-1871 Theodorus Kraaijvanger (1828-1870) x Reinera Bolder (1837-1871)
1871-1888 Kinderen Kraaijvanger
1888-1912 Hendrikus Petrus Kraaijvanger x Berendina Hendrika Koster (+1922)
1912-1922 Hermanus Harmsen (1879-1956) x 1 Hendrika Koster, echtpaar met 7 kinderen
1922-1956 Hermanus Harmsen x 2 Geertruida Aleida Egging, echtpaar met 2 kinderen
1956-1979 Johannes Hendrikus Harmsen (1913-1979) en H.B.M. Harmsen
1979-1988 Hendrika (Riet) Berendina Maria Harmsen (1932-2004) x Herman Willink (1912-1988),
weduwnaar van Maria Berendina Freriks); dit echtpaar bleef kinderloos
1995-2004 Riet Harmsen met partner Teun Buiting, weduwnaar van Mina Keurntjes
2004 A.G.B. (Tonnie) Buiting

Boerderij Nieuw Boskamp
Deze boerderij is gebouwd omstreeks 1859 en is - behoudens een korte onderbreking - bijna onafgebroken bewoond geweest door de familie Berendsen. De boerderij is een typische hallehuisboerderij zoals er zeer veel in de Liemers stonden. In 1963 kwam Nieuw Boskamp in handen van landbouwer Bernardus Theodorus Berendsen. In 1964 werd de boerderij verbouwd en werd een tweede woning bijgebouwd.

5 File0011640x480 6 File0022640x480
Boerderij Nieuw Boskamp Gezin Berendsen - Beekman 

Eigenaren Nieuw Boskamp

1858-1873 Hendricus Berendsen x Berendina Stark
1873-1894 Weduwe Berendina Berendsen-Stark en erfgenamen
1894-1896 Wilhelmus Egging x Johanna M. Schlief
1896-1922 Antonius Bernardus Berendsen x Johanna M. Schlief
1922-1927 Bernardus Johannes Berendsen
1927-1963 Bernardus Johannes Berendsen x Johanna H. Beekman
1963-2007 Bernardus Theodorus Berendsen x Antoinetta G.C. Strikkeling
2007-2011 Weduwe Antoinetta (Tonnie) G.C. Berendsen - Strikkeling
2011- Theodorus Johannes Berendsen x Maria Helena Stevens

Hoofdbewoners Nieuw Boskamp

1858-1864 Hendricus Berendsen x Berendina Stark, de weduwe van Peter Rouwen
1864-1889 Weduwe Berendina Berendsen-Stark en kinderen
1889-1895 Johannes Wilhelmus Berendsen x Hendrina Berendina Bremer
1895-1896 Wilhelmus Egging x Johanna Maria Schlief
1896-1927 Antonius Bernardus Berendsen x Johanna Maria Schlief, de weduwe van W. Egging
1927-1963 Bernardus Johannes Berendsen x Johanna Hendrika Beekman
1963-2007 Bernardus Theodorus Berendsen x Antoinetta (Tonnie) G.C. Strikkeling
2007-
2011-
Theodorus Johannes Berendsen x Maria Helena Stevens
Tonnie Berendsen - Strikkeling is woonachtig in een bijgebouwde woning


Bronnen:

Staring, Frans, van Bosmark tot Kerkdorp, 75 jaar parochie Nieuw-Dijk (Doesburg 1986)
Tinneveld A, Toponymie van Didam (Amsterdam 1973)
Beursken, Jan, 1911-2011 Honderd jaar Parochie en Parochianen Nieuw-Dijk van A tot Z 
Thijssen, Willy, Oaver Diem 2002, nr. 17
Stichting werkgroep kadastrale atlas Gelderland Kadastrale atlas Didam 1832 (Arnhem 1995) 

ULO-MULO-MAVO

Beginperiode

Veel leerlingen uit Didam, die qua niveau voor het vervolgonderwijs naar de ULO (uitgebreid lager onderwijs) hadden moeten gaan, gingen tot 1950 niet naar deze opleiding. Deze ULO-school was in die tijd in Zevenaar gevestigd. Waarom ze deze opleiding niet volgden had twee redenen. Ten eerste was er een groot te kort aan ruimte in de school in Zevenaar en ten tweede vonden een aantal ouders uit Didam de afstand naar Zevenaar te groot voor hun kroost. Zij lieten hen een andere opleiding volgen. Daarom stuurde het college van B&W van Didam in maart 1949 een brief naar het bestuur van het R.K.ULO-onderwijs. Daarin verzocht ze om de op stapel staande uitbreiding van de ULO in Zevenaar, niet daar, maar in Didam plaats te laten vinden middels het oprichten van een nieuwe ULO-school. De ULO werd ook wel MULO (meer uitgebreid lager onderwijs) genoemd.

 

2e klas schooljaar 1950-1951
2e klas schooljaar 1950-1951

 

Het bestuur stemde hiermee in en al op 1 september 1950 kon de MULO St. Martinus in Didam van start gaan. (In Didam werd de naam ‘MULO.’ gehanteerd). Deze start vond plaats in twee lokalen in de oude jongensschool te Loil omdat in Didam nergens anders ruimte was. Het lesgeven in deze twee lokalen was van tijdelijke aard. De enige twee leerkrachten waren destijds de heren Bramer en Breukers en zij verrichtten veel pionierswerk. Bramer gaf alle vakken in de eerste klas met 37 leerlingen. Breukers was de leerkracht van de tweede klas met 17 leerlingen. Zij hadden de eerste klas in Zevenaar gevolgd. Al deze 17 leerlingen slaagden in 1953 met goede cijfers voor het (M)ULO-examen. Daarnaast bekleedde Breukers de directeursfunctie. Na het eerste jaar ‘verhuisde’ de MULO naar het verenigingsgebouw in Loil, waar de ‘zaal’ omgebouwd werd in vier lokalen. Uiteraard was dit ook een tijdelijke oplossing.

 

Marsweg

In 1954 kon dan eindelijk een eigen school betrokken worden aan de Marsweg in Didam. Thans is daar basisschool ‘De Toorts’ in gehuisvest. Het leerlingenaantal groeide al zodanig hard, dat de nieuwe school alweer te klein werd. Daarom werd er vanaf 1955 ook les gegeven in de oude huishoudschool, achter het Carolusgebouw. Omdat dit niet afdoende was, werden eind jaren vijftig vier lokalen aan de Marsweg bijgebouwd, zodat de school toen negen lokalen telde. ‘Nu kunnen we echt vooruit’, dacht men toen. Een aantal jaren was dit ook zo, maar in 1968 moesten er toch drie noodlokalen bijgeplaatst worden. Ook was dit het jaar dat door de Mammoetwet de (M)ULO overging in de MAVO (middelbaar algemeen voortgezet onderwijs).

 

De MULO school vanaf de Diemse toren ca 1954 De MULO school aan de Marsweg in 1955
De MULO school vanaf de 
Diemse toren ca. 1954
De MULO school aan de 
Marsweg in 1955

 

Dijksestraat

De alsmaar groeiende school bleef zoeken naar lokalen. Zo werden in 1971 in het voormalige ziekenhuis in het Albertusgebouw drie lokalen ‘geconfisqueerd’. Twee jaar later kwam eindelijk een definitieve oplossing in zicht, doordat de landbouwschool aan de Dijksestraat haar deuren gesloten had. Eerst werd er maar van enkele lokalen gebruik gemaakt, maar in 1975 ging de MAVO in zijn geheel over naar de Dijksestraat. De school was toen gegroeid naar ongeveer 400 leerlingen en zo’n 20 leerkrachten. De heer Breukers maakte dit net niet mee als directeur. In 1972 werd hij namelijk na ruim 20 jaar directeurschap, opgevolgd door de heer Schonis. Al vanaf 1954 gaf Schonis les aan de MULO-MAVO. Op zijn beurt werd Schonis in 1981 opgevolgd door de heer Jaspers. 

 

De MAVO school aan de Dijksestraat vanaf 1975
MAVO School aan de 
Dijksestraat vanaf 1975

 

Leerlingenaantal loopt terug

Vanaf begin jaren tachtig liep het leerlingenaantal op de MAVO terug. Voorzichtig werd er gesproken over fusies. Binnen het voortgezet onderwijs in Didam vond in 1984 een fusie plaats. De LHNO-MHNO was in dat jaar met de LEAO-LAVO opgegaan in de scholengemeenschap ‘de Liemershorst’. Maar ook de MAVO ontkwam er niet aan. Zij fuseerde in 1993 met de Liemershorst. Zowel het schoolgebouw aan de Bodenclauwstraat als aan de Dijksestraat bleven bestaan. Hiermee ontstond er één school in Didam voor voortgezet onderwijs. Maar zelfs de nieuwe gefuseerde school, de Martinus Scholengemeenschap, bleek weer te klein. Voorzichtig werd er gesproken over opheffing van het voortgezet onderwijs in Didam. Maar door weer een nieuwe fusie werd dit voorkomen, want de school aan de Dijksestraat werd vanaf 1995 onderdeel van het Liemers College. Het schoolgebouw aan de Bodenclauwstraat werd afgestoten en het schoolgebouw aan de Dijksestraat werd in 1998 flink verbouwd c.q. uitgebreid. Hierdoor was er plaats voor zo’n 750 leerlingen. Het voorgezet onderwijs lijkt hiermee voorlopig gewaarborgd.

 

schoolteam in 1966 schoolteam in 1970  schoolteam in 1976
Schoolteam in 1966 Schoolteam in 1970 Schoolteam in 1976

Bronnen:

  • Sint Martinus ULO-MAVO 40 jaar, 1950-1990 (boekje uitgebracht t.g.v. 40 jaar ULO-MAVO)
  • Kalender 2006, uitgegeven door de OVD
  • Oaver Diem nr. 29, jaarboek van de OVD, jaargang 2014.

Historie Kelsehof

Start 'oude mannen- en vrouwenhuis' in 1891
In het voorjaar van 1891 schreef notaris P. Kok de definitieve oprichtingsakte van Sint Albertustichting. Het was een particulier initiatief dat met een geschonken startkapitaal bejaarden en zieken in Didam ging ondersteunen. De leiding werd overgelaten aan een dagelijks bestuur (regenten). De zusters van de orde van Sint Jozef te Amersfoort waren bereid om de hulp daadwerkelijk uit te voeren. Er werd gestart vanuit de oude herberg van Freriks – op de plek van het huidige Albertusgebouw - waar op dat moment drie zusters actief waren. In 1896 werd besloten tot bouw van een nieuw ‘oude mannen- en vrouwenhuis’, dat toen Albertusgasthuis genoemd werd. In 1907 werd besloten tot aanbouw van een ziekenhuis. In 1924 werd aan de achterzijde een nieuw verpleeghuis voor bejaarden aangebouwd en in 1928 vond er een uitbreiding plaats waarbij aan de noordzijde een kapel werd aangebouwd.

Een nieuwe tijd
Toen het ziekenhuis op 1 januari 1966 noodgedwongen moest sluiten betekende dat niet dat alle activiteiten in het Albertusgebouw werden beëindigd. Wel vroeg de oude manier van bejaardenzorg dringend om een andere aanpak. De heer Ter Heerdt weet nog dat in die tijd de grote en kleine mannenkamers op de begane grond waren gesitueerd. De vrouwenkamers bevonden zich op de verdieping waarbij gebruik werd gemaakt van de chambrettes van de al vertrokken zusters. Er was weinig privacy met veel brandgevaar. Het bestuur onder voorzitterschap van dokter J.I. de Neeff besloot tot nieuwbouw van een zorgcentrum aan de Verheystraat waarbij advies en samenwerking werd gezocht voor financiële en technische zaken bij de Landelijke Katholieke Bouw Corporatie (LKBC), die na een latere fusie bekend werd als Woonzorg Nederland en de Katholieke Vereniging voor Bejaardenhuizen (KVB). Architect Sluymer van architectenbureau Sluymer Sassen en Fokkema kreeg opdracht om een bejaardencentrum te ontwerpen voor zo’n honderd verzorgingsplaatsen, acht tweepersoonskamers en enkele kamers voor verpleging.

Start Kelsehof
Er werd grond aangekocht van de heer Roemaat. De boerderij van eigenaar Roemaat heette eeuwenlang ‘De Kelse Hofstede’ en was voorheen het in bezit geweest van Huis Kel uit Angerlo. Op advies van wijlen historicus Nol Tinneveld kreeg het zorgcentrum - volgens Wil ter Heerdt - daarom de naam Kelsehof. De grond- en bouwkosten werden gefinancierd door de Corporatie c.q. Woonzorg Nederland. Bouwbedrijf Welling begon in 1969 met de bouw.

 

002 643a 001 642
De bouw in 1970 Hoogste punt bereikt


Het complex werd  verhuurd aan de Sint Albertusstichting die het vervolgens exploiteerde.Op 1 februari 1971 vond de verhuizing vanuit het Albertusgebouw plaats en in juni werd Kelsehof officieel geopend door burgemeester Vlaar. De eerste directrice was zuster Serafine Harmelink, voorheen moederoverste in het Albertusgebouw.

 

003 644 004 File0027
De opening in juni 1971 De opening in juni 1971

 

Einde Kelsehof
De eisen van een zorgcentrum werden steeds strenger en daardoor moest er alternatieven worden gezocht. Door de bouw van woon-en zorgcomplex Meulenvelden werd hierin voorzien en kwam in 2008 de verhuizing daar naar toe tot stand. Aansluitend bood Kelsehof nog een tijdelijke huisvesting aan bewoners van Thuvine uit Duiven. Vanaf eind 2012 stond Kelsehof leeg. In 2007 was er nog een plan om van Kelsehof een hotel met tachtig kamers te maken. Mede door de ecenomische crisis rest er nu slechts sloop met mogelijk in de toekomst bebouwing volgens de mogelijkheden die het bestemmingsplan toelaat.

Er staat nu een modern appartementencomplex met 33 woningen met de naam 'Poort van Diem'. Tot 2008 waren het aanleunwoningen van Kelsehof met de benaming Diedeheim.

 

005 File0005

 

Bronnen
Smit, J.B., H.P.L. Tomas en P.J. ten Berge, 100 jaar Albertusstichting 1891-1991, Didam 1991
Beursken, J.A.B., Kelsehof geopend (1971), in Didam in de twintigste eeuw, Didam 2007

Weekblad De Liemers van 26-06-1971 en 25-08-1978

Aantekeningen dr. J.I. de Neeff

Interview W. ter Heerdt (directeur Kelsehof 1978-1996)
  

 

Straatnamenregister Didam in 1957

Tot 1862 was het woonadres de naam van de buurtschap waarin men woonde (Dorp, Dijk, Greffelkamp, Loil of Holthuizen) met een doorlopend huisnummer van 1 tot 507. Het huisnummer was dan bijvoorbeeld Dorp 1, Dijk 140, Greffelkamp 200, Loil 300 of Holthuizen 507.
Vanaf 1862 kregen genoemde buurtschappen een wijkletter toegewezen en vond de huisnummering per wijk plaats. Dorp Didam kreeg de wijkletter A.
Op 10 december 1956 besloot de gemeenteraad van Didam de bestaande wijknummering te veranderen in een straatnaam met huisnummer. Deze verandering ging op 1 januari 1957 officieel in. Hieronder zijn een aantal adressen met de nieuwe straatnaam in Didam vermeld. Het volledige straatnamenregister is bij onze vereniging in te zien.

 

Oud Adres

Hoofdbewoners / gebouw

Nieuw adres 1957

Opmerkingen, publicaties e.d.

A001

Gemeentehuis

Kerkstraat 01

Monument
Oaver Diem 2011

A003

Wed. F.A. Scheerder-ten Böhmer

Kerkstraat 05

Oaver Diem 2008

A 004

Johannes E. Peperkamp

Kerkstraat 07

Monument
Didam in 20e eeuw

A 006

Theodorus E. Jansen

Kerkstraat 11

Oaver Diem 1999

A 009

Wilhelmus A.G. Sanders

Deken Reuvekamplaan 03

Monument
Kerkenboek 

A 010

Catechismuslokaal

Deken Reuvekamplaan 02

Monument
Kerkenboek

A 011-A 012

A.F.A. Janssen en R.K. Kerk

Kerkstraat 15-17

Pastorie en St. Martinuskerk gesloopt

A 014

Hendrikus Elfrink
Wed. W. Geurtsen - Otten 

Kerkstraat 21

Oaver Diem 2013

A 027

Hendrikus E.M. van Vuuren Gebroeders van Vuuren

Kerkstraat 28

Oaver Diem 2016

A 028

Huishoudschool St. Oda

Bodenclauwstraat 2

Gesloopt 

A 033

Piusgesticht

Kerkstraat 22

Monument
Oaver Diem 2001

A 034

Huishoudschool

Kerkstraat 20

Gesloopt 

A 035

Carolusgebouw

Kerkstraat 18

Gesloopt

A036-II

Markthal

Marktplein 03

Monument
Didam in 20e eeuw

A 041

G.J. Driessen

Kerkstraat 2

Oaver Diem 2003

A 045

Jacob S. Braak

Domineestraatje 03

Gesloopt
Kerkenboek

A047-1

Wilhelm P.J. Wesseldijk

Torenstraat 8

Kerkenboek

A047-V

Wijkgebouw Wit-Gele Kruis

Torenstraat 13

Kerkenboek

A048

Kerk

L. Vrouweplein 13

Monument
Kerkenboek

A 049

Albertusstichting

Raadhuisstraat 03

Monument
Jaarboek 1991

A 050

Johan. A.M. Dunselman

Raadhuisstraat 05

Monument
Oaver Diem 2006

A 053

St. Martinushuis

Raadhuisstraat 01

Gesloopt 

A 059

Johannes H. Berendsen

Weemstraat 07

A 060

Johan. F. te Dorsthorst

Weemstraat 11

Monument

Oaver Diem 2016

A 061

Theodorus G.W. Raben

Weemstraat 13

Oaver Diem 2005

A 065

Ludgerusschool (voorm)

Ludgerusstraat 22

Gesloopt 
Oaver Diem 2006

A 068

Jennekens Th.J.A.H.

Schoolstraat 28

A 070

Streekschool BLO

Lockhorststraat 01

Gesloopt

A 075

Hendrikus CA Coenen

Lockhorststraat 08

Oaver Diem 2004

A 078-1

VGLO school

Lockhorststraat 03

Gesloopt
Didam in 20e eeuw

A 081

Antonius H. Versteegen

Lockhorststraat 22

Jaarboek 1989

A 084

Steph. H.G.T. Fierkens

Lockhorststraat 05

Oaver Diem 2010

A 098

Openbare school

Julianastraat 41

Didam in 20e eeuw
Oaver Diem 2016

A109

Veewaag Raben

Weemstraat 15

Gesloopt

A 116

Hermanus H. Kuppens

Oranjestraat 2

Oaver Diem

A 117

Postkantoor

L. Vrouweplein 01

Gesloopt

A 121

CAVV

Wilhelminastraat 29

Gesloopt
Didam in 20e eeuw

A 122

Vruchtboom

Wilhelminastraat 31

Gesloopt

A 125

Vruchtboom

Wilhelminastraat 33

Gesloopt 

A 127-1

Johannes E.F.Morren

Wilhelminastraat 43

Gesloopt

Didam in 20e eeuw

A 139

Wilhelmus T. Strijbosch

Beekseweg 003

Monument

A 158

Antonius J. van Kraaij

Beekseweg 032

A 162

Christiaan H. Verkerk

Beekseweg 002

Gesloopt

A 168

Wed. W.Schuurman-Markhorst
Everhardus H. Scheerder

Wilhelminastraat 50

Monument
Didam in 20e eeuw

A 182

Metalino

Stationslaan 07

Didam in 20e eeuw

A 186-1

Jan I de Neeff

Spoorstraat 30

A 191

Hendrikus T. Welling

Spoorstraat 23

A 193

Roomboterfabriek

Spoorstraat 26

Gesloopt
Oaver Diem 1989-1

A 194

Johannes H. Vennegoor

Spoorstraat 24

Monument

A 197-1

Theodorus J. Schaars

Spoorstraat 15

Oaver Diem 2010

A 200

Cornelia  A.J.T. Derks

Spoorstraat 16

Didam in 20e eeuw

A 203

Johannes H.M. Gilsing

Spoorstraat 11

Oaver Diem 2006

A 209

Wilhelmus A. Ros

Spoorstraat 05

Oaver Diem 2010

A 211

Johannes B. Botteram

Wilhelminastraat 46

A 212

Johannes J.G. Looman

Wilhelminastraat 44

A 213

Bernardus F. Wolsing

Wilhelminastraat 42

A 218

Gerhardus H. Rasing

Wilhelminastraat 30

A 219

Antonius J. Ros

L. Vrouweplein 03

Oaver Diem 2010

A 221

Wilhelmus H.A. Nova

L. Vrouweplein 05

A 225

Hendrikus A. Looman

L. Vrouweplein 07

Oaver Diem 2006

A 226-1

Wed. L.A.J. van Raaij-Scheerder

L. Vrouweplein 09

Oaver Diem 2015 

A 231

Timmerbedrijf Gieskes

Torenstraat 02

Gesloopt

A 237

Theodor MMG Leonards

Wilhelminastraat 16

Didam in de 20e eeuw

A 244

Timmerbedrijf Boerstal

Wilhelminastraat 04

Gesloopt 

A 252

Klompenfabriek Bolder

Komweg 03

Gesloopt
Oaver Diem 2011

A 257

Johannes HH Horsting

Hogenendseweg 08

Café-zaal Hendriks, voorheen Rasing

Inleiding

Centraal in het dorp Loil bevindt zich café-zaal Hendriks. Vanaf 1985 is de familie Hendriks de uitbater van deze zaak, hiervoor werd het gerund door de familie Rasing. Zo’n twee eeuwen lang woonden diverse generaties Rasing al op deze locatie.

Boerderij de Benijnengoed

In 1832 stond op deze locatie boerderij ‘De Benijnengoed’ en deze werd bewoond door Hendrik en Maria Rasing met hun gezin. Hendrik was een ‘grote boer’; hij bezat totaal zo’n 11,5 hectare grond, drie koeien, twee paarden en negen varkens. Hendrik en Maria kregen zes kinderen, waarvan er vier ongehuwd bleven. Alleen dochter Johanna kreeg kinderen.

Nadat in 1880 Johannes stierf al laatste kind van Hendrik en Maria Rasing, werd het geheel verdeeld onder de drie kinderen van zijn zus, Johanna Rasing. De enige zoon hiervan, Theodorus, erfde de boerderij. Hiervoor, in 1866, was hij gehuwd met Maria Anna Bolder. Echter in 1879 stierf Maria Anna, waardoor Theodorus achterbleef met vijf kleine kinderen. Een half jaar later hertrouwde hij, nu met Grada Hendrina Rasing. Dit huwelijk bracht in 1882 één kind voort: Gradus Theodorus (roepnaam Dorus).

Dorus sloeg een andere weg in

In 1893 overleed Theodorus, waardoor de hele boerderij op naam van zijn tweede vrouw Grada Hendrina kwam te staan. Nadat ook zij in 1909 overleden was, erfde haar enige zoon Dorus hierdoor de hele boerderij. Hij had hiervoor enkele jaren als boerenknecht gewerkt, maar sloeg toch een andere weg in. Dit kwam mede door zijn vrouw Grada Worm uit Giesbeek, dochter van een bakker en kleindochter van een schoenmaker. Hoe het ook zij, in 1910 liet hij - bijna gelijktijdig met de bouw van de kerk - een pand bouwen waarin hij een café met kruidenierswinkel begon. In februari 1911 trouwden zij en naast hun winkel en café begonnen ze ook met een kolen- en eierhandel.

Dorus laat een bloeiende zaak achter

Vanaf eind jaren twintig werden de eerste tekenen van reuma zichtbaar bij (rooie) Dorus Rasing. Zijn gezondheid ging hierna langzaam maar zeker achteruit. Hij werd afhankelijk van een rolstoel en in 1939 overleed hij op 57-jarige leeftijd. Zijn vrouw Grada runde toen al volop de zaak en de zes kinderen hielpen eveneens al volop mee. Al snel stond vast dat enige zoon Theed de zaak over zou nemen. Hij trouwde in 1946 Marie van Keulen uit Groessen, die in de oorlog geëvacueerd was geweest bij de familie Rasing in Loil.

Foto 1-2 Foto 2-1
Gezin Rasing-Worm Café Rasing ca. 1930

Theed neemt de zaak over en gaat met de tijd mee

In 1950 nam Theed de gehele zaak van zijn moeder over. Hij ging met de tijd mee en liet in 1959 een zaal aan het café bouwen. In de jaren zestig vonden er vele veranderingen plaats in de zaak. Zo werd In 1968 de zaak flink verbouwd en werd de naam veranderd in ‘Café-Restaurant de Nachtegaal’. Ook werd rond die tijd gestopt met de kolen- en eierhandel, om kort hierna eveneens de winkel te beëindigen. Er werd vanaf toen volledig op de horeca toegespitst. In 1973 werd op de locatie van de voormalige winkel een slijterij geopend.

Al vanaf 1966 runde oudste zoon Theo een cafetaria naast de zaal. In 1974 kocht hij het geheel van zijn ouders, voor hen begonnen de jaren te tellen. De jongste zoon Wilfried, die ook een paar jaar de cafetaria had gerund, kwam in 1977 bij zijn broer in de zaak. Samen besloten ze om in 1979 de zaal, die eigenlijk te klein was voor die tijd, de laten slopen en een nieuwe zaal te bouwen, die in 1980 gerealiseerd werd.

Overname door Jan en Leo Hendriks

Omdat de gezinnen van de broers Rasing het ongeregelde leven steeds meer tegen ging staan, werd besloten om de gehele zaak te verkopen. Na 74 jaar het in handen gehad te hebben, werd in het voorjaar van 1985 de zaak verkocht aan de gebroeders Jan en Leo Hendriks uit Didam. Jan Hendriks overleed in 2011 en thans zijn Leo en zijn vrouw Wilma de uitbaters van de zaak.

Foto 3-1 Foto 4-1
Gezin Rasing-van Keulen Jan, Wilma en Leo Hendriks

 

Bronnen

  • Jaarboek Oaver Diem, jaargang 2008, nummer 23

Copyright @2018|Oudheidkundige Vereniging Didam| Anjerstraat 6,6942 VW Didam|Tel.nr 0316-224447|
Disclaimer

log in